Autisme/ADHD

In de praktijk hebben we ervaren dat mensen die autisme of ADHD hebben, de extra aandacht die ze nodig hebben vaak niet krijgen. Dit is een van de redenen voor het ontstaan van Rijschool Jos Janssen. Wij zorgen ervoor dat die extra tijd en aandacht er wel is, omdat wij van mening zijn dat iemand die zich prettig voelt, ook de beste resultaten boekt.

Vandaar ons motto: “Jouw rust is ons doel”

Wij worden door het Spectrum Brabant als enige rijschool in Maastricht erkent voor het lesgeven aan leerlingen met AD(H)D een/of Autisme.

Wat is autisme?

Met autisme bedoelen we de diagnoses: Autisme Spectrum Stoornis (ASS), klassiek autisme, Asperger en PDD-NOS (waaronder subgroep McDD).

Bij mensen met autisme werkt de informatieverwerking in de hersenen op een andere manier. Met autisme word je geboren, en blijft gedurende je hele leven een rol spelen. Het wordt niet veroorzaakt door de opvoeding. Alles wat mensen met autisme zien, horen, ruiken etc. wordt op een andere manier verwerkt. En dat brengt een andere mix van sterke en zwakke kanten met zich mee.

Zo hebben mensen met autisme vaak een goed oog voor detail, zijn ze eerlijk, recht door zee, analystisch en hardwerkend, maar hebben ze moeite met overzicht houden en sociale contacten en hebben ze een opvallend beperkt aantal interesses of activiteiten.

De meeste mensen zien de wereld als een film maar mensen met autisme zien de wereld eerder als een stapel losse foto’s, zij zien minder samenhang. Hierdoor kost het hen veel moeite om te begrijpen wat er gebeurt. Ook snappen zij vaak niet goed wat andere mensen bedoelen of voelen.

Autisme zie je niet aan de buitenkant, maar het heeft grote invloed op iemands leven. Elke dag opnieuw.

Wat is AD(H)D?

De afkorting ADHD staat voor Attention Deficit/Hyperactivity Disorder. In het Nederlands: aandachtstekortstoornis met hyperactiviteit. Kinderen met ADHD hebben vaker en sterker dan de meeste andere kinderen problemen met:

  • Aandacht en concentratie: zij vinden het moeilijk om hun aandacht blijvend op een taak te richten en zich niet door allerlei prikkels uit de omgeving te laten afleiden
  • Hyperactiviteit: ze zijn, vooral op jongere leeftijd, voortdurend in beweging. Ze zijn vaak snel opgewonden en gefrustreerd. Vaak voelen zij een grote onrust van binnen. Stil zitten en rustig zijn kost ongewoon veel energie.
  • Impulsiviteit: zij doen voordat ze denken. Ze houden zich niet (ook niet onbewust) bezig met de gevolgen van hun gedrag; de ‘remfunctie’ ontbreekt.
  • Regelfuncties: ze vinden het moeilijk te plannen, en om hun emoties, motivatie en alertheid te reguleren en eerdere ervaringen te laten meespelen bij beslissingen en verwachtingen over de toekomst. Ze reageren daardoor ook anders op beloning en straf.

Bij kinderen die niet hyperactief zijn wordt vaak gesproken van ADD. De offiële diagnose luidt echter: ADHD type 1. De drie subtypen van ADHD zijn:

Type 1:
Het overwegend onoplettende type: alleen aandachtsproblemen, zonder hyperactiviteit en impulsiviteit
Dit type wordt ook wel ADD genoemd en komt vaker bij meisjes voor. ADD wordt niet snel herkend bij kinderen. Zij vertonen immers veel minder storend gedrag dan de kinderen met de andere twee vormen van ADHD. De kinderen met ADD vallen op door dromerig, apathisch gedrag en het feit dat ze meer dan gemiddeld moeite hebben om met een taak te beginnen en hun aandacht erbij te houden. Ze vergeten ook gemakkelijk en hebben moeite om zich goed te organiseren. Hierdoor kunnen ze moeite hebben met leren. Kinderen met ADD presteren vaak onder hun niveau. Dit kan een negatieve invloed hebben op de ontwikkeling van hun zelfvertrouwen.

Type 2:
Het overwegend hyperactieve en impulsieve type, zonder de aandachtsproblemen
Over dit subtype is nog weinig bekend. Het wordt vooral gezien bij kinderen beneden de 7 jaar en zou een voorloper van het gecombineerde type 3 kunnen zijn.

Type 3:
Het gecombineerde type
Aandachtsproblemen, impulsiviteit en hyperactiviteit komen alledrie voor. Spreken we over ‘ADHD’, dan bedoelen we meestal dit type. Type 3 komt het meest voor en vaker bij jongens.